+31 (0) 30 602 16 17
Een verplichte aov voor zelfstandigen: de argumenten voor en tegen

Een verplichte aov voor zelfstandigen: de argumenten voor en tegen

Pierre Spaninks, ZZP-expert - 11 juni 2019
Column

Werkverkenners gaat vanavond (11 juni 2019) over de verzekeringsplicht voor zelfstandigen, die onderdeel is geworden van het pensioenakkoord. Presentator Rens de Jong gaat daarover in gesprek met Pieter Gautier (hoogleraar economie aan de VU), Martine Wolzak (redacteur FD) en Roos Wouters (aanjager van de Werkvereniging). ZZP-expert en columnist Pierre Spaninks zet alvast op een rijtje wat die verzekeringsplicht inhoudt, wat ervoor pleit, en wat ertegen. 

De kogel is door de kerk. Het kabinet heeft de principe-afspraak uit het pensioenakkoord overgenomen dat zelfstandigen wettelijk moeten worden verplicht zich te verzekeren tegen het risico van arbeidsongeschiktheid. 

In een brief aan de Tweede Kamer van 5 juni jongstleden geeft minister Koolmees van Sociale Zaken aan dat hij met de deze verzekeringsplicht ook anderen dan werknemers wil beschermen tegen de gevolgen van arbeidsongeschiktheid en te borgen dat iedereen zich kan verzekeren. 

Volgens de minister past dit in 'het bredere streven van het kabinet om toe te werken naar een situatie waarin niet instituties en kosten bepalend zijn voor de vorm waarin arbeid wordt aangeboden, maar de aard van het werk dat gedaan moet worden.' Met een verplichte verzekering wordt ook afwenteling van kosten en risico’s op de samenleving verminderd, schrijft hij. 

Het kabinet vraagt nu de sociale partners om in het begin van 2020 'in overleg met zelfstandigenorganisaties een uitvoerbaar en EMU-saldo neutraal voorstel uit te werken' dat 'betaalbaar en voor iedereen toegankelijk is.' Het zegt daarbij te hechten aan 'de balans tussen het tegengaan van schijnzelfstandigheid" en "zorgen dat echte zelfstandigen ruimte hebben om gewoon hun werk te kunnen doen en hun ondernemerschap in te vullen.' 

Met het oog op die laatste bepaling vraagt het kabinet de sociale partners 'of het in de rede ligt en uitvoerbaar is om een uitzondering voor deze verplichting te laten gelden, bijvoorbeeld als sprake is van beter passende arrangementen.' Als voorbeeld van zo'n 'arrangement' wordt verwezen naar de agrarische sector, waar veel zelfstandigen zijn aangesloten bij regelingen om zich tijdens vakantie of ziekte te laten vervangen.

De inkt van de kamerbrief was nog niet droog of er barstte een discussie los over de merites van het kabinetsvoornemen - eerst op sociale media en al gauw ook op radio, tv en in de krant. Voor wie dit dossier een beetje volgt waren de reacties grotendeels voorspelbaar, en hetzelfde gold voor de scheidslijnen tussen voor- en tegenstanders. 

Het grootste enthousiasme kwam van de linkse oppositie. Zoals de vakbonden hun steun aan het pensioenakkoord afhankelijk hadden gemaakt van de invoering van een verzekeringsplicht voor zzp'ers, zo hadden PvdA en GroenLinks duidelijk gemaakt dat zij die als voorwaarde zagen voor hun politieke steun in de Eerste Kamer. 

Meer vanuit de verdediging reageerden D66 en de VVD, die aan de ene kant wel voelden dat hun achterban weinig opheeft met extra verplichtingen voor ondernemers, maar die aan de andere kant ook niet bepaald genegen waren om daar het kabinet op te laten vallen.  

Ook in de reacties van de zelfstandigenorganisaties klonk een worsteling door met tegenstrijdige wensen. Een verzekeringsplicht is voor hen vooral iets waar ze te hun vingers aan kunnen branden. Verklaren ze zich voor, dan kregen ze mot met het aanzienlijke deel van hun leden dat tegen is. Verklaren ze zich tegen, dan lopen ze het risico niet van het begin af aan tafel te zitten. 

Echt principieel tegen verklaarde zich de Werkvereniging - waar ik zelf actief lid van ben. Het is geen belangenbehartiger van zzp'er maar van alle "moderne werkenden". Die hebben wel degelijk behoefte aan zekerheden maar bepaald niet aan een lappendeken met de ene regeling voor werknemers en de andere voor zelfstandigen. Gedurende hun loopbaan wisselen werkenden steeds vaker van rol of ze combineren rollen. 

Om recht te doen aan die moderne arbeidsmarkt, zegt de Werkvereniging, is een fundamentele hervorming nodig van de sociale zekerheid. Door het kabinetsplan pensioenakkoord raakt die alleen maar verder uit zicht. Een petitie waarin de Werkvereniging op zo'n hervorming aandringt liep al een paar weken, maar kreeg pas echt vleugels toen het akkoord naar buiten kwam. Op 11 juni stond de teller al op meer dan 14.000 handtekeningen. 

Opvallend is dat minister Koolmees zich 5 juni al meteen genoodzaakt voelde zelf ook een stukje invulling te geven aan het plan - wat eigenlijk alweer op het bordje van de sociale partners lag. Hoewel het woord 'arbeidsongeschiktheidsverzekering' dat hij in zijn brief gebruikte op een particuliere verzekering wijst die gaat worden uitgevoerd door verzekeringsmaatschappijen (zoals ook de basisverzekering tegen ziektekosten), moest die voor zelfstandigen juist publiek worden uitgevoerd door het UWV (net als de WIA voor werknemers). 

Voor- en vooral tegenstanders van een verzekeringsplicht speciaal voor zzp'ers bedienen zich van een scala aan argumenten. Voor een buitenstaander is daar al gauw geen touw meer aan vast te knopen. Wie toch een poging wil wagen, kan een ingang en houvast vinden in de mindmap die Hans Buskes 10 juni publiceerde. 

Buskes is auteur van Meer inzicht en overzicht met mindmappen. Met zijn 'argumentenkaart' brengt hij ordening in de meest gehoorde argumenten voor en tegen de verzekeringsplicht speciaal voor zzp'ers. Zoals dat hoort bij dit instrument, doet hij dat zonder daarbij een oordeel uit te spreken over de inhoud van die argumenten.

Alle argumenten die Buskes vond van de voorstanders zijn volgens hem te herleiden tot de vaststelling dat de meerderheid van de zelfstandigen geen verzekering heeft afgesloten tegen de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid. Volgens de vakbonden, de linkse oppositie én het kabinet brengt dat grote risico's met zich mee. Niet alleen voor de betrokkenen zelf maar ook voor de samenleving als geheel. Die zou uiteindelijk voor de schade opdraaien. 

Uiteenlopender en ook groter in aantal zijn de argumenten die de mindmap laat zien aan de kant van de tegenstanders - wat dus nog niet wil zeggen dat die daarmee het pleit hebben gewonnen. Buskes onderscheidt er zeven, waarvan er twee zo nauw met elkaar verband houden dat ik ze even samenneem tot vijf. Dan ziet de stand er ook meteen een stukje minder verpletterend uit.

  • Zelfstandigen, met of zonder personeel, zijn ondernemers. En die werken zoals bekend voor eigen rekening en risico. Langdurige ziekte, eventueel uitlopend op permanente arbeidsongeschiktheid, is maar een van de vele risico's die zij hebben te managen. Invoering van een verplichte aov voegt daar voor hen niets aan toe maar beperkt hen juist daarin.
  • Misschien heeft een meerderheid van de zelfstandigen tot nu toe geen aov afgesloten, dat wil niet zeggen dat ze zich niet bewust zijn van de risico's en dat ze niet naar vermogen maatregelen nemen om die te beheersen. Zelfstandig ondernemers zonder personeel die geen arbeidsongeschiktheidsverzekering hebben afgesloten, geven daarvoor volgens het CBS meerdere redenen. Ruim 70 procent geeft aan dat zo’n verzekering te duur is. Bijna een kwart van alle onverzekerden geeft aan dat ze het financiële risico zelf kunnen dragen. Dat zijn vooral 55-plussers die nog maar een korte periode tot hun pensioen hoeven te overbruggen. Daarnaast geeft ruim een vijfde als reden aan dat men kan terugvallen op het inkomen van de partner. Dat zijn met name vrouwelijke ondernemers zonder personeel. Tot slot valt op dat 14 procent aangeeft geen verzekering te hebben, omdat men verzekeraars niet vertrouwt. Als betaalbaar en betrouwbaar alternatief noemen 'onverzekerde' zelfstandigen vaak het broodfonds.
  • De verzekeringsplicht zoals het kabinet die voorstelt is volledig buiten de zelfstandigen om tot stand gekomen. Minister Koolmees was met werkgevers en werknemers in gesprek over het pensioenakkoord, en om dat rond te breien werd het aan de onderhandelingstafel blijkbaar nodig gevonden een aov erin te fietsen die op zich niets met de aow te maken heeft en al helemaal niet met de pensioenen van werknemers. De een noemt dat "ondemocratisch", de ander "koehandel".   
  • Een en dezelfde verzekering voor alle zelfstandigen, volgens een uniforme regeling, loopt stuk op de enorme diversiteit binnen die groep. Van nog maar net studerend tot al lang breed met pensioen, van veelverdiener tot armoedzaaier, van thuiskapster tot interim-manager, met risicoprofielen van hoog tot laag, en steeds vaker dus met een hybride loopbaan deels in loondienst deels als zelfstandige. Als er al een uniforme regeling kan worden bedacht, zal die onuitvoerbaar zijn. 
  • Een aparte verplichte verzekering voor zelfstandige ondernemers zou wel eens kunnen stuiten op bezwaren uit Brussel. Niets wijst erop dat minister Koolmees zich heeft afgevraagd hoe dat zit, terwijl hij toch geleerd had kunnen hebben van de bezwaren tegen een minimumtarief voor zzp'ers. Ook hier zouden de Europese dienstenrichtlijn en het Europese grondrecht van de vrijheid van ondernemerschap wel eens roet in het eten kunnen gooien. 

De discussie zal zich nog wel een tijdje voortslepen, al dan niet langs deze lijnen. Eerst zijn de leden van de betrokken vakbonden aan zet. Die worden deze week geraadpleegd en mogen laten weten of ze het resultaat accepteren waarmee hun onderhandelaars thuis zijn gekomen. Doen ze dat niet, dan is de druk even van de ketel - voor zo lang als het duurt, want PvdA en GroenLinks zullen zich door een afwijzing niet uit het veld laten slaan. Accepteren de vakbondsleden het pensioenakkoord wel, dan is het spel rond de verplichte aov voor zelfstandigen pas echt op de wagen.

 

Terug naar het overzicht