+31 (0) 30 602 16 17
Flexpioniers: Selma Meyer (1890-1941) en het Holland Typing Office

Flexpioniers: Selma Meyer (1890-1941) en het Holland Typing Office

Pierre Spaninks, Zzp-expert - 21 januari 2020
Column

Werkverkenners gaat op 21 januari over de geschiedenis van flex. Hoe is het begonnen, al dat uitzenden, payrollen en detacheren? Wie waren de pioniers die deze business op de kaart zetten? Columnist Pierre Spaninks stuitte op het verhaal van Selma Meyer (1890-1941). In de jaren dertig van de vorige eeuw zette zij zich vanuit haar uitzendbureau Holland Typing Office in voor het pacifisme en het anti-fascisme.

Eerste uitzendbureau

Bij de pioniers van flex denken we al gauw aan de mannen die in de jaren zestig en zeventig met hun uitzendbureaus de markt voor tijdelijk personeel naar hun hand wisten te zetten. Een Frits Goldschmeding die in 1960 Randstad oprichtte, een Marinus Spruijtenburg die in dezelfde tijd de eerste Nederlandse franchisenemer werd van het Amerikaanse Manpower, of een Alex Mulder die in 1972 de eerste vestiging opende van Unique. Toch waren dat niet de eerste uitzendbureaus in Nederland. Wie in Wikipedia de geschiedenis opzoekt, leest daar over het HTO (Holland Typing Office) dat echt een van de eerste zou zijn geweest. Het zou al in het begin twintigste eeuw in Amsterdam gevestigd zijn geweest aan het Damrak en onder de leiding hebben gestaan van Selma Meyer en Annette Monasch. 

In het Joods Biografisch Woordenboek staat bij Annette Monasch (1883-1945) vermeld dat zij van 1923 tot 1933 mede-eigenaar was van Holland Typing Office, dat daar een “vertaal- en reproductiebureau” heet. Selma Meyer, (1890-1941) heette officieel Sara Cato en spelde haar achternaam ook wel als Meijer. Een van de bijzonderheden die de databank over haar geeft is dat zij directrice was van dat bureau. Maar minstens zo intrigerend klinkt de rol die zij voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog blijkt te hebben gespeeld. 

Chef de bureau

Over het leven en het werk van Selma Meyer (en zijdelings ook dat van Annette Monasch) lezen we meer in het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. Zij groeide op in een geassimileerd Joods milieu in Amsterdam. Na de hbs en de handelsschool ging zij werken als stenotypiste. In die tijd kwam de vertaalster Annette Monasch bij de familie Meyer in huis wonen. Ondanks het leeftijdsverschil van zeven jaar werden zij goede vriendinnen. In 1920 zien we hen beiden terug als collega’s bij het Holland Typing Office, van de eveneens Joodse dames Rosine de Jong en Sarita Eastwood. Al gauw breidde de firma zijn werkzaamheden uit naar het kopiëren, het vertalen, het stenograferen in alle talen, en de verkoop van kantoorartikelen. Rond 1923 had Selma Meyer zich er opgewerkt van stenografe tot chef de bureau. 

In 1926 kwam HTO in handen van Annette Monasch en een jaar later werd Selma Meyer medevennoot. Het bedrijf groeide snel: in 1928 verhuisde het naar het Damrak, waar het maar liefst drie etages betrok. Een van de kernactiviteiten was de tijdelijke verhuur van (steno)typistes en ander kantoorpersoneel aan bedrijven, vermeldt het lexicon, waarmee het waarschijnlijk een van de eerste uitzendbureaus was van Nederland.

Maatschappelijk betrokken

Behalve uitzendonderneemster was Selma Meyer ook maatschappelijk betrokken. Zij werd actief in de Internationale Vrouwenbond voor Vrede en Vrijheid (IVVV) en was actief in het Neutraal Vrouwencomité voor Vluchtelingen, een organisatie die vrouwelijke vluchtelingen uit Duitsland opving. In 1936 werd zij voorzitter van het Centraal Wuppertal Comité, opgericht na de massa-arrestatie van politiek andersdenkenden in het Duitse Wuppertal. Het bulletin dat het comité in vier talen uitgaf, werd door het Holland Typing Office opgemaakt en gedistribueerd over heel Europa. Selma Meyer raakte steeds nauwer betrokken bij acties van internationale antifascisten. Vanuit HTO ging zij het tijdschrift Kameradschaft ondersteunen van de Duitse publicist Hans Ebeling, die hier in ballingschap leefde. Zij vertaalde artikelen, corrigeerde drukproeven, en verleende financiële steun. Samen met Ebeling richtte ze het Comité tot Hulp aan Jonge Duitse Vluchtelingen op, dat hen hielp bij hun vlucht en bovendien zorgde voor werk, onderdak en geld. 

Toen de oorlog uitbrak, verliet Selma Meyer haar huis in Amsterdam waar zij sinds 1936 met haar moeder woonde. Volgens het lexicon moet zij zich bewust zijn geweest van het gevaar dat zij liep, en reisde zij via Zeeland naar het nog onbezette Zuid-Frankrijk. In oktober keerde zij echter terug naar Amsterdam op verzoek van haar moeder en het personeel van HTO, waar de bezetter een bewindvoerder had aangesteld. Twee dagen later werd zij daar door de Gestapo gearresteerd. 

Dubbele longontsteking

“Na een week lang in Den Haag te zijn verhoord over Kameradschaft en andere connecties”, vervolgt het lexicon, “werd ze overgebracht naar de beruchte Polizeigefängnis Berlin-Moabit, waar ze zwaar werd mishandeld. Vanwege een als gevolg van de toegebrachte verwondingen opgelopen buikvliesontsteking werd ze op 16 januari 1941 geopereerd in het Berlijnse Krankenhaus der Jüdische Gemeinde. Op 11 februari bezweek Selma Meyer aan de gevolgen van een dubbele longontsteking. Het Nederlandse consulaat betaalde de kosten van haar teraardebestelling op de joodse begraafplaats aan de Weissensee. Moeder Meyer-Philips, die de oorlog overleefde, meldde zich in 1945 als rechthebbende van het HTO en deed het bedrijf na een half jaar van de hand.”

Veel van deze kennis over Selma Meyer en hoe zij het Holland Typing Office inzette voor haar pacifistische en antifascistische strijd, hebben we blijkens het lexicon te danken aan een publicatie van Bart de Cort uit 2013: Van vrouwen, vrede en verzet. De Cort vertelt daarin ook dat men na de oorlog plan is geweest de stoffelijke resten van Selma Meyer te herbegraven op de Eerebegraafplaats Bloemendaal. De nabestaanden vonden echter haar eeuwige rust in Berlijn belangrijker. Sinds 2013 wordt de naam van Selma Meyer vermeld op de websites van Yad Vashem en op de Erelijst van Gevallenen. Het boek van De Cort is hier en daar nog antiquarisch te koop.

Over Annette Monasch is online minder te vinden, maar het lijkt erop dat zij in 1945 in Duitsland is overleden, twee weken na haar bevrijding uit het concentratiekamp Bergen-Belsen. Het voormalige kantoor van Holland Typing Office aan het Damrak op nummer 44, was de laatste keer dat ik erlangs liep een sushibar. Het dichtstbijzijnde uitzendbureau daar is dat van Creyf’s op nummer 37 - als dat ondertussen niet een kaaswinkel voor toeristen is geworden. Bent u er eens in de buurt, denkt u dan svp even aan Selma Meyer en Annette Monasch.

Terug naar het overzicht