+31 (0) 30 602 16 17
Ken uw baas? Liever niet ...

Ken uw baas? Liever niet ...

Pierre Spaninks, Zzp-expert - 10 maart 2020
Column

Veel mensen hebben het gevoel dat ze hun baas eigenlijk helemaal niet kennen. BNR Brainnet Werkverkenners kijkt hoe erg dat is en hoe je daar verandering in kunt brengen. Columnist Pierre Spaninks heeft die behoefte nooit gehad. ‘Weten waar iemand aan denkt als hij of zij met een rubberen eendje in bad zit, leidt alleen maar af.’

Er schijnt dus een onderzoek te bestaan waaruit blijkt dat werkenden de behoefte hebben hun baas te kennen. En dan niet hoe die is als baas – dat merk je gauw genoeg – maar ‘gewoon’ als mens. Omdat het daarover zou gaan in Werkverkenners, had ik dat onderzoek graag vooraf gelezen. Maar helaas: ik kon het nergens vinden. Normaal zou ik in zo’n geval mijn schouders ophalen en iets anders gaan doen, maar deze kwestie liet me niet los. 

Do’s en don’ts

Er kwamen allerlei vragen in me op, van welhaast existentieel tot nu even praktisch. Want wat is iemand ‘kennen’ eigenlijk? Wat moet je van iemand weten, wil je kunnen zeggen dat je hem of haar ‘kent’? Kun je überhaupt een ander echt kennen, in die betekenis? En als dat al kan, waarom zou je die behoefte uitgerekend op je baas botvieren? Welk nut kan dat hebben? Ga je dan je werk beter doen, met een beter resultaat voor je collega’s en je klanten, en krijg je dan meer waardering of misschien zelfs wel meer salaris? En mocht dat niet zo zijn - is het dus eigenlijk alleen maar nieuwsgierig Aagje - heeft het dan wellicht ook nadelen om je baas te ‘kennen’? Wegen de voordelen tegen de nadelen op, in die mate dat het zin heeft er tijd en energie in te steken? En stel dat dat zo is: wat zijn dan slimmere en minder slimme manieren, wat de do’s en wat de don’ts? 

Nou heb ik zelf ook de nodige jaren in loondienst gewerkt en de nodige bazen gehad – genoeg om mezelf ervaringsdeskundige te mogen noemen. Aan al die werksituaties en aan al die relaties heb ik levendige herinneringen, maar naar beste weten heb ik nooit de behoefte gevoeld hen te leren ‘kennen’. Noch mijn directe chefs, noch degenen die weer boven hen geplaatst waren, noch de grote poppenspelers die uiteindelijk aan hun touwtjes trokken. En wat meer is: ik kan me ook met de beste wil van de wereld niet voorstellen wat het voor goeds had kunnen opleveren als ik hen wel had ‘gekend’. 

Zo werkte ik tijdens mijn studie een tijdje als traffic manager op de afdeling marketing van een internationaal uitgeversbedrijf. Mijn baas was een veertiger die, nadat hij mij had aangenomen, zich ertoe beperkte af en toe te informeren of ik niet te veel werk had. Als ik dan naar eer en geweten antwoordde dat hij zich daarover geen zorgen hoefde te maken, mompelde hij iets wat wel tevreden klonk, waarop wij weer tot wederzijds profijt ieder ons weegs gingen. Was dat anders geweest als ik had geweten of hij fan was van Ajax dan wel PSV? Of hij zijn huwelijksbeloften nakwam dan wel de kat in het donker kneep? Wie het weet, mag het zeggen.

Wel of geen kinderen

Na mijn afstuderen kreeg ik een baan aan de universiteit, als beleidsmedewerker. Eerst met een aantal nauw omschreven taken, later als een soort projectleider in algemene dienst. Als zodanig rapporteerde ik direct aan de voorzitter van het college van bestuur. Meer dan wat er op het cv stond dat bij zijn aantreden door de universiteitskrant was gepubliceerd, wist ik niet van hem. Wat ik wel merkte was dat hij veel ideeën had, daar makkelijk mensen in mee kreeg, en er niet mee zat als die daar dan hun eigen invulling aan gaven. Dat lag mij wel, en daar floreerde ik bij. Was dat anders geweest als ik had geweten wat hij had willen worden toen hij nog een kleine jongen was? Of hij kinderen had, of hij daar trots op was dan wel er ’s nachts wakker van lag? Wie het weet, mag het zeggen.

Door die op wederzijds vertrouwen gebaseerde werkrelatie heen, speelde er even een akkefietje met een interimmanager die daar anders in stond. Zij was niet aangesteld om de instelling als geheel te leiden, maar om een nogal specifieke klus te klaren. Ik was daar in een bijrolletje ook voor nodig, en daarbij bleek dat ik niet het potje was waar haar dekseltje op paste. Dat was niet goed voor onze onderlinge verhouding en ook niet voor ons werk. Maar was dat anders geweest als ik haar beter had ‘gekend’? Wie het weet, mag het zeggen.

Al met al heb ik het gevoel dat je baas ‘kennen’ - als mens - er weinig toe doet als er gewerkt moet worden. Wat het verschil maakt is of je over en weer weet wat belangrijk is voor het bereiken van de doelen van de organisatie, of je daar allebei je aandeel in levert, en of je dat op zo’n manier doet dat er ’s ochtends niemand met de pee in naar kantoor hoeft en ’s avonds niemand naar de sportschool om zijn frustraties eruit te trainen. Meer weten van elkaar dan daarvoor nodig is, waar iemand aan denkt als die met een rubberen eendje in bad zit, leidt alleen maar af.

Terug naar het overzicht