+31 (0) 30 602 16 17
Pierre Spaninks, Zzp-expert

Of een vast contract ook een voordeel kan zijn voor de werkgever?

Pierre Spaninks, Zzp-expert op 10 april 2018

Soms lijkt het alsof tegenwoordig iedereen flexwerker is of zzp'er. Ondertussen heeft de overgrote meerderheid nog steeds gewoon een vast contract. Dat aantal stijgt zelfs. Toch gaat het er in Werkverkenners (dinsdag 10 april om 19:00 uur op BNR Nieuwsradio) over of een vast contract ook een voordeel kan zijn voor de werkgever. ZZP-expert Pierre Spaninks vindt dat maar een rare vraag. Werkgevers zijn toch niet gek?

Eind 2017 had 61% van de werkzame beroepsbevolking een arbeidscontract voor onbepaalde tijd of uitzicht daarop, werkte 23% op een flexcontract, en was 16% zelfstandige (met of zonder personeel, inclusief meewerkende gezinsleden). Bij alle ophef over 'doorgeschoten flex' zou je het bijna vergeten, maar twee derde deel van de arbeidsmarkt ziet er nog net zo uit als op het eind van de vorige eeuw. Arbeidscontracten voor onbepaalde tijd of voor bepaalde tijd met uitzicht op 'vast' zijn de regel, al het andere is uitzondering.

Verbazingwekkend aan wat er de afgelopen drie decennia op de arbeidsmarkt is gebeurd, is niet zo zeer de opkomst van flex en zzp, als wel de verbluffende variëteit aan arbeidsovereenkomsten die is ontstaan naast het contract voor bepaalde tijd. Daarvoor doen allerlei verklaringen de ronde. Wet- en regelgeving, de race naar het putje, imitatiegedrag - you name it.

Niet al die verklaringen zijn even zinnig en sommige trekken zelfs een grote wissel op de geloofwaardigheid. Veilig lijkt het om te veronderstellen dat de partijen die al die contracten aangaan, daar op de een of andere manier voordeel in zien. Economisch dan wel sociaal of allebei.

Dat geldt voor 'werkbieders' net zo goed als 'werkzoekers'. Waarbij de werkbieders meestal wat meer mogelijkheden hebben om hun voorkeuren tot gelding te brengen en hun voordelen te realiseren dan de werkzoekers. Want zo lang er nog mensen met hun kaart in de bak van het UWV staan of zelfs dat niet, is de arbeidsmarkt een buyers market - specifieke sectoren en regio's daargelaten.

Die bieders leveren dus bij het werk nog steeds in overgrote meerderheid een contract voor onbepaalde tijd. Met de daarbij behorende sociale zekerheden. Tijdens de crisis even wat minder, en nu die voorbij is weer steeds meer. En voor die contracten en voor die zekerheden moeten ze behoorlijk in de buidel tasten.

Om mensen verantwoord een 'vast' contract te kunnen aanbieden moet je namelijk niet alleen zeker weten dat nu hun salarissen kunt betalen met de bijbehorende belastingen en premies, maar ook dat je de lasten kunt dragen van opleiding en training als ze het goed doen, van begeleiding als ze ziek worden, en van ontslag als ze er een potje van maken.

De proliferatie aan arbeidsovereenkomsten anders dan voor onbepaalde tijd, heeft alles te maken met de noodzaak voor werkgevers om een contract op tafel te leggen a) dat voor de werkzoekenden die zij op het oog hebben verleidelijk genoeg is om erop in te stappen en b) dat voor henzelf geen molensteen om de nek wordt.

Dat werkbieders nog zo vaak 'vaste' contracten aanbieden - en dat zelfs steeds vaker gaan doen - betekent gewoon dat er voor hen doorslaggevende voordelen aan zijn verbonden. Waarbij u er wat mij betreft van op aan kunt dat harde financiële voordelen belangrijker zijn dan mooi klinkende sociale overwegingen.

Of een vast contract een voordeel kan zijn voor de werkgever, is geen vraag maar een zekerheid. In het ene geval is dat voordeel er, in het andere geval niet. Waar dat voordeel dan uit bestaat, zal altijd een variatie zijn op Het levert onder de streep meer op dan dat het kost. Want alternatieven zijn er in overvloed. Ik vind het allebei maar rare vragen. Veel interessanter is de kwestie welke arbeidsrelatie wanneer te verkiezen is voor wie. Daar gaan we het binnenkort hopelijk ook een keer hebben.